maandag 11 april 2011

Mubarak gooit met modder


Voor het eerst sinds zijn terugtreden als president van Egypte heeft Hosni Mubarak publiekelijk van zich laten horen. Op scherpe toon veroordeelde hij  alle beschuldigingen tegen hem en zijn familie geuit. In een ultieme poging de naam van zijn familie enigszins te zuiveren.

"Ik heb mijn hele leven gegeven in dienst van de natie met eerlijkheid en integriteit", zei hij in een opgenomen boodschap uitgezonden die werd uitgezonden door de zender Al Arabiya. "Ik kan niet zwijgend toezien hoe in voortdurende lastercampagnes, vol valse beschuldigingen de reputatie en integriteit van mijn familie en mij worden beschadigd." Voorts zei hij dat een onderzoek naar zijn financiën welkom is.

Mubarak begon zijn toespraak strijderbaar: “Beste Egyptenaren, broeders en zusters:
Ik voel heel veel pijn als gevolg van de oneerlijke en onrechtvaardige beschuldigingen  waaraan mijn familie en ik zijn blootgesteld, met als enig doel mijn reputatie te beschadigen, door te twijfelen aan mijn eerlijkheid en het verdraaien van mijn militaire en politieke loopbaan, waarin ik grote inspanningen heb gedaan voor Egypte en de mensen ... in oorlog en vrede.”

Het feit dat hij zich heeft terug getrokken als president, bewijst volgens Mubarak alleen maar dat hij slechts het beste voor heeft met Egypte, haar bevolking en toekomst.

Dat hij nu pas, ruim twee maanden na zijn aftreden, met een verklaring komt heeft volgens Mubarak te maken met de tijd die de Egyptische openbare aanklager nodig had wereldwijd te ontdekken dat hij, noch zijn familie goederen of banktegoeden in het buitenland hebben. Maar volgens veel Egyptenaren was dat eenvoudigweg de tijd die hij en zijn familie nodig hadden om het overgrote deel van hun geld en goederen  veilig te stellen.

Omdat de waarheid moet zegevieren en om een einde te maken aan alle valse beschuldigingen heeft Mubarak besloten dat hij zijn gehele administratie zal overleggen aan de onderzoekscommissie en dat hij alle hulp zal geven aan de openbaar aanklager om zijn naam te zuiveren.

“Dit doe ik voor de Egyptische volk om hen te laten weten dat hun voormalige president slechts rekeningen bij een Egyptische bank heeft.” Ook zal, volgens de ex-president, dan blijken dat zijn zoons Alaa en Gamal nimmer illegale woekerwinsten hebben binnengehaald door machtsmisbruik en uitbuiting.

Tenslotte behoudt hij zich het recht voor iedereen die hem en zijn familie vals hebben beschuldigd van diefstal en persoonlijke verrijking gerechtelijk te vervolgen.

Om tenslotte met een groot theatraal gevoel zijn toespraak te besluiten met: “Broeders en zusters. Egypte zal altijd ons belangrijkste doel zijn en wij wensen ... We bidden God om Egypte en haar volk te redden en hen de juiste weg te wijzen.”

Direct na de toespraak van ex-president Mubarak barste een stroom van voornamelijk verontwaardigde commentaren los uit politieke kring. 
Op zijn Twitter-account, schreef oppositieleider Mohamed El Baradei: “Vanaf de eerste dag zijn er brutale pogingen om eisen en de geloofwaardigheid van de revolutie te omzeilen.”

Toekomstig presidentskandidaat Magdy Hatata zegt dat het bericht “een onderdeel is van de campagne van de vijanden van de revolutie en de restanten van het voormalige regime.”
Volgens woordvoerder van de Moslim Broederschap, Sobhi Saleh, moet Mubarak de geheime codes zijn bankrekeningen openbaar maken.

Emad Gad, analist bij het Al-Ahram Centrum voor Politieke en Strategische Studies, zegt dat Mubarak zijn toevlucht neemt tot emotioneel taalgebruik “om zo te spelen met de emoties van de Egyptenaren en om verdeeldheid te zaaien.”

“Als wordt aangetoont dat Mubarak's beweringen onjuist blijken te zijn, dan is dit gewoon weer een voorbeeld van misleiding, zoals de andere leugens die hij  gedurende de afgelopen 30 jaar heeft verspreid”, zegt hoogleraar politicologie Hassan Nafea.

Volgens Mostafa Abu Talib, hoofd van het Giza Strafhof, heeft de afgezette president, ondanks zijn huisarrest, het recht om met de media te spreken. Maar deze redenering klopt volgens juristen niet. Mensen die zijn veroordeeld tot huisarrest mogen geen directe of indirecte communicatie hebben met het publiek en media. Ook is het ze niet toegestaan om bezoekers te ontvangen zonder voorafgaande toestemming.

Staatsrechtgeleerde Ibrahim Darwish tenslotte zei dat Mubarak juridisch zwak staat.  Er is een groot aantal klachten tegen hem ingediend en er is voldoende bewijsmateriaal ter ondersteuning van de meeste aanklachten tegen hem. “De belangrijkste daarvan is Mubarak zich niet heeft gehouden aan zijn grondwettelijke eed, die hij meer dan eens heeft afgelegd."

zondag 10 april 2011

"Ik heb het gevoel dat we een slecht systeem hebben vervangen door een ander."

Na het geweld van de nacht van vrijdag op zaterdag, hadden duizenden demonstranten aangekondigd om zaterdagnacht op het Tahrir-plein te zullen overnachten. Daarmee wilden ze tevens hun eis kracht bijzetten dat het hoofd van de Opperste Raad van de Strijdkrachten, Tantawi, moet aftreden. Hij wordt beschouwd als de verantwoordelijke voor het extreme geweld van vrijdagnacht tegen demonstranten.

Van de andere kant drongen verschillende politieke groeperingen er bij de demonstranten op aan goede banden met het leger te houden. Desondanks kondigde de Hoge Raad van de Strijdkrachten zaterdagavond aan dat ze iedere vorm van demonstratie op het plein na het ingaan van de nachtklok te zullen beëindigen. Toen de nachtklok inging om 02:00 uur verzond de legerleiding een sms waarin ze de demonstranten een uur de tijd gaven het plein vreedzaam te verlaten. Velen hebben daar gehoor aan gegeven. Een relatief kleine groep demonstranten bleef op het plein achter. Hun voornaamste doel was te laten zien dat de gewelddadigheden van de nacht ervoor voornamelijk werden gepleegd door relschoppers, die er opuit waren de demonstranten een slechte naam te bezorgen.

 Het oplaaiende geweld komt voornamelijk voort uit frustraties bij de demonstranten. Zij vinden dat de militaire overheid in een veel te laag tempo de gewenste veranderingen doorvoert. Het leger en de politie hebben vrijdagnacht met scherp op de demonstranten
geschoten. Daarbij zijn volgens het ministerie van Volksgezondheid drie doden en 71 gewonden gevallen. Sommige ooggetuigen maken echter melding van zeker zeven doden.

Verschillende politieke groeperingen verklaarden zaterdag in een verklaring: "Wij betreuren de slachtoffers die zijn gevallen, maar we dringen er bij de demonstranten en anderen op aan om alert te blijven op de pogingen van tegenkrachten die een breuk trachten te veroorzaken tussen de demonstranten en het leger."

De verklaring werd ondertekend door een aantal prominente politieke leiders, zoals de leider van de Moslim Broederschap, Essam El Erian; George Ishak van de National Association for Change; Amr Hamzawy van de net opgerichte Egyptische Sociaal-Democratische Partij; de schrijvers Gamal Fahmy en Sekina Fouad en Nasser Abdel Hamid van de 25 januari Revolutie Coalition.

Ze onderstreepten nog eens dat de aanval onderdeel vormt van voortdurende pogingen die erop gericht zijn animositeit tussen de mensen en het leger te creëren.
Anderzijds drong de verklaring er bij de militairen aan op "met discipline en zelfbeheersing om te gaan met het enthousiasme en de gedrevenheid van de jongeren. De demonstranten uitten kritiek op deze verklaring en eisten van de politieke leiders om sterker hun afkeuring uit te spreken over het herhaalde gewelddadige optreden van het leger tegen de demonstranten.

Activisten wachten op de vervolgstappen van de revolutionaire leiders, om zo hun volgende stappen te bepalen. Maar anderen zijn minder geduldig. Zeker niet na het geweld op zaterdagochtend. "Ik wil niet terug naar het beginpunt, maar ik heb het gevoel dat we een slecht systeem hebben vervangen door een ander", aldus een van de demonstranten die getuige was van de militaire aanval op het plein.

zaterdag 9 april 2011

Demonstranten blijven en leger schiet

Gisteren werd weer een grote demonstratie gehouden op het Tahrir-plein in Cairo. Tot de "Vrijdag van de Cleansing" werd opgeroepen door de drijvende krachten achter de revolutie van 25 januari. Hun voornaamste eis is de snelle ontmanteling van het oude regime en vergelding voor de misdaden begaan door dit oude regime.

Vorige week, op de dag van "Save the Revolution", verzamelden zich enkele tienduizenden op het Tahrir-plein om antwoorden te krijgen op alle onbeantwoorde revolutionaire eisen. En daar zal op korte termijn gehoord gegeven moeten worden. Belangrijkste eis is het proces tegen Hosni Mubarak en al zijn corrupte vertrouwelingen en familie; de vorming van een presidentiële commissie en het terughalen de fondsen van de voormalige regerende Nationale Democratische Partij. 

De sfeer in Tahrir-plein gisteren deed bijna denken aan de eerste 18 dagen van de volksopstand die leidde tot de afzetting van de voormalige president Mubarak. Voor het eerst sinds alle protesten begonnen was ook de Moslim Broederschap duidelijk van de partij. Zij had haar aanhangers dringend opgeroepen mee te doen aan de demonstraties van gisteren.

Naarmate de avond viel werd de sfeer op en rond het plein steeds grimmiger. Familieleden van de 'martelaren van de revolutie' hadden aangekondigd de hele nacht op het plein te zullen blijven. Tegen middernacht verschenen de eerste tenten. Daarmee werd duidelijk dat de demonstranten de confrontatie met het leger wagen aan te gaan. Was het leger de eerste weken van de revolutie nog 'de vriend van het volk', nu is dat gevoel omgeslagen in woede en achterdocht. De betogers verdenken de legerleiding ervan het revolutie-proces af te remmen en niet hard genoeg op te treden tegen de oude regime en haar handlangers.

Ondanks het uitgaansverbod dat door het leger is ingesteld tussen 02:00 en 05:00 verlieten enkele honderden demonstranten het plein niet. Rond 03:00 verscheen een grote legermacht, die de hele dag al paraat stond achter het Egyptisch Museum, op het plein. Met de overduidelijke bedoeling de daar bivakkerende demonstranten te intimideren en te verwijderen. Om dat kracht bij te zetten begon het leger langdurig te schieten. Volgens ooggetuigen op het plein van dichtbij en maar net over de hoofden van de demonstranten. 


Via Twitter kreeg ik steeds meer verontrustende berichten binnen. Op vragen om beeldmateriaal kreeg ik een aantal filmpjes binnen die vanaf een balkon langs het plein zijn gemaakt. Op dit filmpje is duidelijk te zien en te horen met welk een brute intimidaties het leger de demonstranten probeert af te schrikken. Filmpje legeroptreden (Rechts naast beeldscherm in YouTube staan meer filmpjes).
Tijdens de oproep voor het eerste ochtendgebed werd het even stil op het plein. Inmiddels gaat het schieten weer in alle hevigheid verder. Ook wordt nu melding gemaakt van gewonden en gearresteerden. Als het licht wordt blijven de geweersalvo's onverminderd doorgaan en wordt er voor het eerst sinds 28 januari weer traangas ingezet om de demonstranten te verjagen. Het belooft een spannend weekend te worden.

maandag 4 april 2011

Toeristen blijven nog weg uit Egypte

Toeristen blijven nog steeds weg uit Egypte, nu ruim twee maanden na het begin van de revolutie die leidde tot het aftreden van president Hosni Mubarak. Het wegblijven van de toeristen is een klap voor het land dat nog altijd geplaagd wordt door inefficiëntie, corruptie en armoede.

De demonstranten vergeleken Mubarak en zijn regime met de oude farao's, hun graven en de aloude piramides die majestueus uitstijging boven de woestijn van Egypte.

Nu waait het zand vrij rond over het verlaten piramiden terrein. De onrusten tijdens de pro-democratische revolutie die de regering omver hebben geworpen hebben het toerisme afgeschrokken. Nou ja, op deze ene toerist na dan...

Sinds de protesteren tegen de regering die begonnen op 25 januari,  hebben meer dan 210.000 toeristen het land ontvlucht in de laatste week van januari en de eerste paar dagen van februari.

De regering heeft geschat dat de onrust het land de eerste twee weken ongeveer US $ 1,7 miljard heeft gekost. Meer dan de helft van dat bedrag als gevolg van de verliezen in de toeristensector.

De effecten zijn ingrijpend. Ongeveer 2 miljoen Egyptenaren verdienen hun brood in het toerisme. Dat is 5 tot 6 procent van het bruto nationaal inkomen. De werkloosheid is reeds sterk toegenomen, er is een groot gebrek aan werkgelegenheid en de banen die er zijn betalen maar matig.

Maar er hebben zich ook ook nieuwe ontwikkelingen voltrokken, terwijl buitenlandse toeristen kijken of en wanneer ze weer terug kunnen komen.

De weinige toeristen die er nu zijn maken een bedevaart naar Tahrir-plein in het centrum van Caïro, waar honderdduizenden demonstranten zich verzamelden voor de anti-regering protesten. Handelaren rond het plein verkopen T-shirts, vlaggen, bladwijzers, hoeden, badges, stickers en wandkleden met afbeeldingen van de revolutie.

Gevoed door een hernieuwde nationale trots, zijn het nu veelal Egyptenaren zelf die de toeristische trekpleisters bezoeken in plaats van zonverbrande Europese bezoekers.

Kinderen klauteren op de anders verlaten piramides. Hun ouders ontspannen op het grote stenen gevaarte en genieten van de lentezon. Maar ze hebben niet het grote geld dat de buitenlanders hier uitgeven. Inkomsten die een zo cruciale deel van de Egyptische economie vormen.

Jonge Egyptenaren houden een kleurrijk pleidooi om de toeristen  weer terug te roepen. Verkleed als Farao’s werken ze langs de Nijl en bij de piramides. "De toerist is onze gast, wees zuinig op hen," staat er op een van hun borden. Een andere man houdt een bord omhoog met: "Egypte is een land van veiligheid en beveiliging."

Maar er zijn geen buitenlanders in de buurt om dit alles te lezen.

zondag 3 april 2011

Revolutie of niet: Voetbal blijft oorlog

Als je in Cairo op straat loopt kan het gebeuren dat mensen je vragen: "Where are you from?" Als je dan antwoord: "From Holland", krijg je stevast twee reacties: "Allemachtig prachtig achtentachtig" en "Holland football very good, sir." Vervolgens begint men dan een lijst met namen van voetballers op te sommen, waarvan ik nog nooi gehoord heb. Met voetbal heb ik niet zo heel veel. Maar Cruijff, van Basten en Gullit herken ik nog wel. Wie er in het Nederlands elftal spelen ben ik, sinds het WK van vorig jaar zomer, allang weer vergeten. 

Egyptenaren zijn helemaal gek van voetbal. Hier wordt echt naar alles gekeken. Favoriete plaats om naar voetbal te kijken is de locale coffee shop. Daar drinkt men een kop koffie of thee of een frisdrank. En er wordt natuurlijk veel waterpijp gerookt. Omdat ik dat toevallig erg lekker vind, moet ik met grote regelmaat ergens achteraan gaan zitten, terwijl alle andere mannen voetbal kijken. Of het nu de vaderlandse competitie is, de Engelse, Spaanse of, ja ook hier, de Nederlandse. Het maakt niet uit. Als het maar voetbal is. De Oud-Romeinse stelregel: 'Geef het volk brood en spelen" is hier nog steeds van kracht.

Zo kan het gebeuren dat zelfs ik in een voetbalstadion terecht kom. Na lang, en vooral veelvuldig, aandringen van een aantal Egyptische vrienden laat ik me dan uiteindelijk toch overhalen om met hen mee te gaan naar een voetbal wedstrijd. "We kunnen toch TV gaan kijken bij ons koffiehuis", opper ik dan nog, denkend aan de waterpijp die in het station niet wordt geserveeerd. 

Gisteren was het dus weer es zover. Na de revolutie en al het omwentelingsgeweld is de Egyptische competitie, maar ook de internationale competitie voor het eerst weer hervat.
De wedstrijd van gisteravond was een wedstrijd in de Afrikaanse Champions League. Een soort Europese Champions League, maar dan in Afrika. Een wedstrijd tussen Zamalek en het Tunesische African Club. "We hebben hiet in Cairo twee grote teams," zo vertelt mijn buurman op de tribune; hij heeft feilloos in de gaten dat ik geen kenner ben. "Zamalek", zo vervolgd hij "en Ahli. Net als bij jullie Ajax en Feyenoord." Kijk, dat is nou nuttige informatie. Twee namen die ik tenminste wel ken.

De wedstrijd zelf vind ik volstrekt niet interessant. Maar ik vermaak me prima met het schouwen van de toeschouwers. De heen-wedstrijd had de thuisploeg al verloren, dus nu moest er gewonnen worden. Ver in de tweede helft, bij een dan al teleurstellende 1 -1 stand, wordt een, alweer volgens mijn buurman, "loepzuiver doelpunt" van Zamalek wegens vermeend buitenspel afgekeurd. Dan breekt de hel los. Gefluit, gegil, gejoel en gescheld. Enkele honderden van de 60.000-man sterke menigte bestormen het veld. Ze hebben het gemunt op de scheidsrechter en de speler van het Tunesische team. De scheidrechter wordt door de politie in veiligheid gebracht. Iets verderop rennen enkele Tunisische spelers bebloed de catacomben in.

Ik zie de spandoeken op het Tahrir-plein nog voor me, van tijdens de revolutie: "Tunesië
en Egypte zijn één." Revolutie of niet. Voetbal blijft oorlog. En net als tijdens die eerste dagen van de revolutie in Cairo moet ik weer rennen om een veilig heenkomen te vinden.
Even later zitten we met een Turkse koffie en een waterpijp heel vreedzaam te genieten. Op een grote TV worden de beelden van de bestorming van het veld alsmaar herhaald. Dan vraagt er opeens een man aan mij: "Where are you from?" Ik kijk hem aan en zwijg, quasi niet begrijpend.



zaterdag 2 april 2011

Revolutie dreigt te verpieteren


Gisteren verzamelden zich na het Vrijdaggebed weer enkele tienduizenden demonstranten op het Tahrir-plein in Cairo in wat men noemt: "Een Miljoen Mensen Mars om de revolutie te redden." Ook in Alexandrië was er gelijktijdig eenzelfde protestbijeenkomst. Over één ding zijn de meeste mensen op het plein het wel eens: de eens zo wakkere vlam van de revolutie lijkt nu nog maar een waakvlammetje.

Uit een peiling, gehouden in de Egyptische krant Daily News, blijkt dat nog maar 41% van de ondervraagde Egyptenaren er vertrouwen in heeft dat het met de revolutie goed gaat komen. En 49% geeft expliciet aan de toekomst van de revolutie somber in te zien. 


foto © jielis van baalen


Met name de jongeren zijn zeer teleurgesteld. Hen bekruipt meer en meer het gevoel dat aanhangers en zelfs leden van het oude regime van de afgezette president Mubarak nog steeds hun invloed uitoefenen op de huidige gang van zaken.
Het nieuwe Egypte blijft volgens velen hangen in besluiteloosheid en gebrek aan krachtdadig doorpakken. En het gaat hen allemaal niet snel genoeg.
De demonstranten eisen dat de Mubarak’s worden berecht voor de decennia lange corruptie en het doden van vreedzame demonstranten tijdens de 18-daagse volksopstand die het regime op 25 januari omver wierp.

De demonstraties van vrijdag werden uitgeroepen door een aantal groeperingen, waaronder de ‘Revolutionaire Jongeren Coalitie’ en de ‘Nationale Vereniging voor Verandering’. Op spandoeken en in vlammende toespraken eisen de demonstranten een proces tegen de ambtenaren van het voormalige regime en kopstukken van de voormalige Nationale Democratische Partij (NDP).
Met name de nog steeds voortdurende corruptie is voor de demonstranten volstrekt onacceptabel. Ze eisen daarom het onmiddellijk ontslag en vervolging van diverse ambtenaren, politiefunctionarissen, gouverneurs en bestuurders van universiteiten.

"We zijn hier om onze revolutie voort te zetten," aldus een 30-jarige advocaat. "Waarom die belachelijke vertraging van het democratiseringsproces? Waarom staan een aantal jongeren nog steeds onder huisarrest? En waarom lopen de bobo’s van het oude bewind nog steeds vrij rond?" Vragen die uitdrukking geven aan de frustraties van velen op het plein die zoveel meer van de revolutie hadden verwacht.

Elders op het Tahrir-plein wordt een openbare rechtszitting nagespeeld waarin Mubarak en zijn familie. Tijdens het protest wordt Mubarak  opgeroepen volgende week vrijdag voor de rechter te verschijnen om zichzelf te verdedigen. Indien hij niet komt opdagen, zal hij bij verstek worden veroordeeld. Waarna demonstranten hun demonstratie zullen verplaatsen naar Sharm El-Sheikh, waar de afgezette president momenteel onder huisarrest staat.

Andere veel gehoorde eisen van de demonstranten zijn: onmiddellijke vrijlating van alle politieke gevangenen; het onderzoek naar beschuldigingen van marteling van demonstranten door het leger; het aftreden van hoofden van de universiteiten en het ‘opschonen’ van staatsbedrijven en de media. Ook moet de wet tegen demonstraties, sit-ins en stakingen worden opgeheven."Dit protest is niet bedoeld om het land te destabiliseren, maar wij menen dat de revolutie zich in de verkeerde richting begeeft",  aldus een journalistiek-student, die zegt: “noem mij maar Ahmed.” "We zijn hier allemaal Egyptenaren en we zijn hier om te zeggen dat we zullen blijven protesteren. Wij willen vrije media en wij komen elke vrijdag hier om ervoor te zorgen dat de contrarevolutie de mensen niet in hun greep krijgt." En voegde daar nog aan toe dat als de eisen van de demonstranten niet worden ingewilligd ze volgende week vrijdag zullen beginnen met een sit-in op het plein, het epicentrum van de 25e januari Revolutie.

Ondanks de grote aantallen demonstranten waren er geen militairen of politieagenten aanwezig. De demonstranten zwaaiden met honderden Egyptische vlaggen, tientallen Libische vlaggen, posters en borden. Zo bleef de moraal van de demonstranten voorlopig toch nog hoog.

vrijdag 1 april 2011

Grote schoonmaak bij Egyptische staatskranten


Egyptische premier Essam Sharaf heeft deze de hoofdredacteuren van verschillende staatskranten vervangen. Volgens veel journalisten zal dit het media landschap in de post-Mubarak tijdperk ingrijpend veranderen.

Premier Sharaf, die kan rekenen op de steun van met name de jongeren in Egypte, heeft nieuwe 17 journalisten benoemd in de redacties van kranten, waarvan zeven als hoofdredacteur van staatskranten.

Deze benoemingen zijn een reactie op de eisen van de revolutionairen en journalisten bij verschillende staatskranten dat alle corrupte journalisten binnen de staatsmedia die waren aangesteld door het oude regime zouden moeten worden vervangen.

Grote staatskranten zijn in korte tijd meer dan de helft van hun lezerspubliek kwijtgeraakt. Volgens waarnemers komt dat enerzijds door het kritiekloze redactionele beleid met betrekking tot het heersende regime en anderzijds door de sterke opkomst van onafhankelijke kranten die meer een spreekbuis zijn van verschillenden opvattingen in de samenleving.

In 2005 nog vond een ingrijpende herschikking plaats van hoofdredacteuren en redactieraden. Die ingreep van de overheid betekende voor de staatskranten een verdere stap om de politieke positie van de zoon van de afgezette president Hosni Mubarak, Gamal Mubarak te versterken. Enkele van zijn handlangers werden benoemd op sleutelposities bij kranten en tijdschriften.

Binnen de media was ook grote kritiek op de ‘opportunistische en hypocriete’ houding van staatskranten, die abrupt hun redactionele beleid omgooiden na de revolutie. Voor de revolutie schreven de tegen iedere vorm van oppositie en verheerlijkten de voormalige president en nu ondersteunen ze de oppositie en haar eisen. Slechts enkele uren nadat miljoenen Egyptenaren het ontslag van Mubarak  hadden afgedwongen op 11 februari, verscheen Egyptes vlaggenschip dagblad Al-Ahram met de kop: "Het volk verdreef het regime." Tijdens de revolutie had de krant echter niets nagelaten om demonstranten en oppositieleiders, zoals presidentskandidaat Mohamed ElBaradei, als verraders te bestempelen.

De meest in het oog springende vernieuwing is de benoeming van Labeeb al-Seba'aey als directeur van de Al-Ahram. Hij neemt de plaats in van Abdel Moneim Said, een van de stromannen van Gamal Mubarak.

Al-Seba'aey staat bekent als een professionele en ervaren journalist. Eerder werd hem een promotie naar de top van Al-Ahram onmogelijk gemaakt vanwege zijn onafhankelijke standpunten. Ook Osama Saraya, een pro-Mubarak hoofdredacteur van de krant werd vervangen. Hij kwam het afgelopen najaar in het nieuws  vanwege zijn slechte en onprofessionele redactioneel management. Met name zijn rol in de beruchte foto's waarop Mubarak te zien was, lopend voor een groep van andere leiders, waaronder de Amerikaanse president Barack Obama, maakte zijn positie al onhoudbaar.

Maar ook bij andere kranten zijn de pro-Gamal redacties vervangen. In alle gevallen gaat het om de vervanging van aanhangers van het oude regime en stuk voor stuk leden van de Nationaal Democratische Partij (NDP), de partij waarvan Mubarak de leider was. Zoals ook duidelijk werd bij de door de staat gerunde krant Rose Al-Youssef. Die vooral werd beschouwd als de spreekbuis van de regerende Nationale Democratische Partij. Bij deze krant is gehele hoofdredactie, die dagelijks het voormalige regime verdedigde en de oppositie fel bekritiseerde, vervangen.

Ook de hoofdredacteur van het Midden-Oosten News Agency (MENA) moest eraan geloven. Direct na de revolutie organiseerde journalisten bij MENA veel protestbijeenkomsten en sit-ins waarin werd tot het verwijderen de hoofdredacteur en van andere journalisten die verantwoordelijk waren voor schandalige wijze waarop de krantverslag heeft gedaan van de revolutie.

Het is echter de vraag of deze veranderingen in de top van een aantal staatkranten zullen leiden tot grote veranderingen. Volgens veel journalisten is het gewoon een stap om journalisten, die verontwaardigd zijn over het redactionele beleid, te kalmeren.

Mijn foto
Cairo, El Maadi, Egypt
De Arbaische Lente heeft in Egypte geleid tot grote veranderingen. Somigen noemen het een 'Revolutie'. Egypte op weg naar democratie? Ik volg de ontwikkelingen op de voet en doe daar verslag van.